Naar de hoofdinhoud
Producenten

Moët Hennessy wil glazen flessen tot 50 procent lichter maken

Moët Hennessy en glasproducent Verallia gaan samen een nieuwe generatie flessen ontwikkelen die 30 tot 50 procent lichter moet worden. Het onderzoeksprogramma richt zich op flessen die aanzienlijk minder glas bevatten, maar voldoende sterk blijven voor productie, vervoer en gebruik.

Redactie Champagnenieuws
Gepubliceerd 28 september 2026

vlnr: Romain Barral, Chief Operating Officer van Verallia, en Frédéric Dufour, lid van het uitvoerend comité van Moët Hennessy en adjunct-directeur van MHCS
vlnr: Romain Barral, Chief Operating Officer van Verallia, en Frédéric Dufour, lid van het uitvoerend comité van Moët Hennessy en adjunct-directeur van MHCS ©James Bort/ website Verallia

In het kort

Samenvatting

  • Moët Hennessy en Verallia willen flessen ontwikkelen die 30 tot 50 procent lichter zijn.
  • Het onderzoeksprogramma loopt gedurende het komende decennium.
  • De flessen moeten ondanks het lagere gewicht voldoende druk- en breukbestendig blijven.
  • De samenwerking is relevant voor onder meer Moët & Chandon, Veuve Clicquot, Ruinart, Krug en Dom Pérignon.
  • De ontwikkelde technieken moeten uiteindelijk ook beschikbaar kunnen komen voor andere producenten.

Het partnerschap werd op 22 september aangekondigd en loopt naar verwachting gedurende het komende decennium. De bedrijven beginnen bij de ontwikkeling van het glas en de vorm van de verpakking. Daarna volgen industriële proeven en praktijktesten. Moët Hennessy brengt de kennis in over wijn, gedistilleerde dranken, verpakkingslijnen en consumentengebruik. Verallia is verantwoordelijk voor de ontwikkeling van het glas, de productiemethoden en de aanpassingen aan zijn fabrieken.

Tot de helft minder glas

De bedrijven streven naar een gewichtsvermindering van 30 tot 50 procent. Dat gaat aanzienlijk verder dan de eerdere verlagingen die binnen de champagnesector zijn doorgevoerd. De standaardfles voor champagne werd vanaf 2011 al teruggebracht van ongeveer 900 naar 835 gram. Volgens het Comité Champagne leverde die vermindering van 7 procent een jaarlijkse besparing van ongeveer 8.000 ton CO₂ op. Een verdere halvering is technisch ingewikkelder. Een champagnefles moet bestand zijn tegen een druk van ongeveer zes bar. Die druk ontstaat tijdens de tweede gisting in de fles en blijft aanwezig tijdens de rijping, het vervoer en de verkoop. Minder glas gebruiken zonder de fles te verzwakken vraagt daarom om veranderingen in de samenstelling en verdeling van het materiaal. Moët Hennessy en Verallia onderzoeken technieken waarmee dunner glas dezelfde mechanische prestaties kan behouden.

Belangrijk voor meerdere champagnehuizen

Het programma geldt voor de volledige wijn- en drankendivisie van LVMH. Daaronder vallen de champagnehuizen Moët & Chandon, Dom Pérignon, Veuve Clicquot, Ruinart, Krug en Mercier. In het gezamenlijke persbericht staat dat eerdere maatregelen al bij verschillende champagnemerken en andere producenten van Moët Hennessy zijn toegepast. Welke flessen als eerste binnen het nieuwe programma worden aangepast, is nog niet bekendgemaakt. De ontwikkeling beperkt zich niet tot champagne. Ook flessen voor cognac, stille wijn en mousserende wijn vallen onder het onderzoek. De technische eisen verschillen per product. Vooral champagneflessen vragen extra aandacht vanwege de druk in de fles.

Glas vormt groot deel van uitstoot

Glazen verpakkingen kunnen volgens Moët Hennessy en Verallia tot 30 procent van de CO₂-uitstoot binnen de wijn- en gedistilleerdesector veroorzaken. De uitstoot ontstaat vooral bij het smelten van grondstoffen en glasscherven in ovens. Ook het vervoer van zware flessen speelt een rol. Een lichtere fles vermindert het gebruik van grondstoffen en vraagt minder energie tijdens het transport. Verallia werkt daarnaast aan ovens met een lager gebruik van fossiele brandstoffen en aan een groter aandeel gerecycled glas. De bedrijven kijken daardoor niet alleen naar het gewicht van de fles. Ook de gebruikte grondstoffen, het energieverbruik van de glasoven, de recyclebaarheid en de inrichting van het productieproces maken deel uit van het programma.

Testen onder werkelijke omstandigheden

Nieuwe flessen worden niet direct op grote schaal ingevoerd. De ontwerpen moeten eerst worden getest tijdens het vullen, afsluiten, opslaan en vervoeren. Daarbij wordt onder meer gekeken naar breuk, drukbestendigheid en de werking op bestaande verpakkingslijnen. Na de laboratoriumfase volgen industriële proeven. Moët Hennessy kan de flessen vervolgens testen binnen zijn eigen productieomgeving. Alleen ontwerpen die de volledige keten doorstaan, komen voor grootschalige productie in aanmerking. Het programma moet ook anticiperen op strengere Europese regels voor verpakkingen en verpakkingsafval. Die regels leggen meer nadruk op minder materiaalgebruik, betere recyclebaarheid en een grotere rol voor hergebruikte grondstoffen.

Ontwikkeling moet breder beschikbaar worden

Moët Hennessy en Verallia willen de resultaten uiteindelijk niet uitsluitend voor de merken van LVMH gebruiken. Volgens het gezamenlijke persbericht moeten de technische ontwikkelingen ten goede kunnen komen aan de volledige wijn- en drankensector. Daarmee kan het partnerschap ook gevolgen krijgen voor champagneproducenten die niet tot Moët Hennessy behoren. Verallia levert glazen verpakkingen aan een groot aantal producenten. Nieuwe productietechnieken kunnen daardoor later ook in andere flesmodellen worden toegepast. De eerste concrete modellen en productiedata zijn nog niet bekendgemaakt. Het programma bestrijkt de komende tien jaar en begint met onderzoek en industriële goedkeuring.

Bronnen

  1. Gezamenlijk persbericht Moët Hennessy en Verallia primaire bron
  2. Comité Champagne: koolstofvoetafdruk van de sector

Gerelateerd