Naar de hoofdinhoud
Producenten

Vakbond eist investeringen na glasdeal Moët Hennessy en Verallia

De Franse vakbond CGT staat achter de ontwikkeling van lichtere glazen flessen door Moët Hennessy en Verallia, maar verlangt garanties voor de fabrieken in Oiry, Cognac en Albi. De vakbond wil weten waar de nieuwe flessen worden geproduceerd en welke investeringen nodig zijn om de Franse vestigingen bij het project te betrekken.

Redactie Champagnenieuws
Gepubliceerd 2 oktober 2026

In het kort

Samenvatting

  • De vakbond CGT steunt de ontwikkeling van lichtere flessen, maar vraagt industriële garanties.
  • De vakbond wil investeringen voor de Verallia-fabrieken in Oiry, Cognac en Albi.
  • Oiry produceert flessen voor champagne en is daardoor direct bij de ontwikkeling betrokken.
  • Lichtere flessen kunnen het glas- en energiegebruik sterk verminderen, maar ook de productievolumes veranderen.
  • Verallia heeft nog niet bekendgemaakt waar de nieuwe flessen uiteindelijk worden geproduceerd.

Moët Hennessy en Verallia kondigden op 22 september een onderzoeksprogramma aan voor glazen flessen die 30 tot 50 procent lichter moeten worden. De bedrijven willen nieuwe glassamenstellingen en productietechnieken ontwikkelen waarmee minder materiaal nodig is zonder dat de fles aan stevigheid verliest. De CGT noemt de vermindering van materiaalgebruik en CO₂-uitstoot een begrijpelijke ontwikkeling. De vakbond wijst er tegelijkertijd op dat lichtere flessen gevolgen kunnen hebben voor de hoeveelheid glas die fabrieken produceren, het energieverbruik van de ovens en de inrichting van productielijnen.

Oiry belangrijk voor Champagne

De zorgen richten zich onder meer op de Verallia-fabriek in Oiry, vlak bij Épernay. Deze vestiging produceert flessen voor champagne en andere mousserende wijnen. Daardoor is Oiry rechtstreeks verbonden met de verpakkingsketen van de Champagnestreek. Moët Hennessy bezit onder meer Moët & Chandon, Dom Pérignon, Veuve Clicquot, Ruinart, Krug en Mercier. Wanneer deze huizen op grote schaal overstappen op nieuwe flesmodellen, kan dat gevolgen hebben voor de machines, vormen en ovens waarmee Verallia de flessen produceert. De CGT wil dat Oiry niet uitsluitend bestaande productie verliest doordat lichtere flessen minder glas vragen maar juist investeringen ontvangt om de nieuwe generatie verpakkingen te kunnen maken.

Ook garanties voor Cognac en Albi

Naast Oiry vraagt de vakbond duidelijkheid over de Verallia-vestigingen in Cognac en Albi. Cognac ligt voor de hand vanwege Hennessy, dat eveneens tot Moët Hennessy behoort. De fabriek in Albi speelt een rol binnen de Franse productiecapaciteit van Verallia. De centrale vraag van de CGT is welke fabrieken de nieuwe technologie krijgen. De ontwikkeling van lichtere flessen kan nieuwe apparatuur, aangepaste productielijnen en investeringen in ovens noodzakelijk maken. Wanneer die investeringen slechts op enkele locaties plaatsvinden, kunnen andere vestigingen volgens de vakbond terrein verliezen. De CGT vraagt daarom garanties over de toekomst van de drie locaties en over de werkgelegenheid die met de productie samenhangt.

Minder glas heeft industriële gevolgen

Moët Hennessy en Verallia willen het gewicht van glazen verpakkingen met 30 tot 50 procent verlagen. Dat vermindert het gebruik van zand, soda en andere grondstoffen. Ook zijn minder energie voor de glasproductie en minder brandstof tijdens het vervoer nodig. Voor glasfabrieken betekent dezelfde ontwikkeling dat voor een gelijk aantal flessen aanzienlijk minder glas hoeft te worden gesmolten. Dat kan gevolgen hebben voor de benutting van ovens en de totale productievolumes. Daar staat tegenover dat de nieuwe flessen complexer kunnen worden om te produceren. Verallia moet technieken ontwikkelen waarmee dunner glas voldoende sterk blijft. Vooral champagneflessen stellen hoge eisen, omdat zij bestand moeten zijn tegen de druk die tijdens de tweede gisting ontstaat. De vakbond ziet daarin een mogelijkheid om industriële kennis en werkgelegenheid in Frankrijk te behouden, mits Verallia tijdig investeert in de betrokken fabrieken en medewerkers.

Partnerschap loopt tien jaar

Het gezamenlijke onderzoeksprogramma bestrijkt naar verwachting het komende decennium. Verallia voert laboratoriumonderzoek en industriële proeven uit. Moët Hennessy test vervolgens of de flessen geschikt zijn voor bestaande productielijnen, vervoer, opslag en gebruik door consumenten. De bedrijven hebben nog niet bekendgemaakt waar de eerste proefflessen worden vervaardigd of welke fabrieken worden aangepast. Ook is geen investeringsbedrag per vestiging genoemd. Daarom verlangt de CGT al aan het begin van het programma afspraken over productie, investeringen en werkgelegenheid. De vakbond wil voorkomen dat de technische ontwikkeling wordt afgerond voordat duidelijk is welke Franse fabrieken de nieuwe flessen daadwerkelijk gaan produceren.

Bronnen

  1. ICI la Rochelleprimaire bron

Gerelateerd